Voorwaardelijke wijs, of le conditionnel

[et_pb_section fb_built=”1″ fullwidth=”on” module_class=”custom-section-top-menu” _builder_version=”3.22.3″ global_colors_info=”{}”][et_pb_fullwidth_menu _builder_version=”3.19.13″ global_colors_info=”{}”][/et_pb_fullwidth_menu][/et_pb_section][et_pb_section fb_built=”1″ fullwidth=”on” _builder_version=”3.22.3″ global_colors_info=”{}”][et_pb_fullwidth_slider _builder_version=”4.10.5″ global_colors_info=”{}”][et_pb_slide heading=”Voorwaardelijke wijs, of le conditionnel” _builder_version=”4.10.5″ background_image=”https://nieuw.coursdefrancais.nl/wp-content/uploads/2021/08/voorwaardelijke-wijs.jpeg” background_enable_image=”on” global_colors_info=”{}” sticky_transition=”on”][/et_pb_slide][/et_pb_fullwidth_slider][/et_pb_section][et_pb_section fb_built=”1″ fullwidth=”on” _builder_version=”3.22.3″ global_colors_info=”{}”][et_pb_fullwidth_menu menu_id=”3″ submenu_direction=”downwards” fullwidth_menu=”off” dropdown_menu_bg_color=”#ffffff” dropdown_menu_text_color=”#000000″ disabled_on=”on|on|off” _builder_version=”4.4.2″ menu_font=”||||||||” menu_font_size=”24px” background_color=”#56c7dd” background_size=”initial” background_position=”top_left” background_repeat=”repeat” background_layout=”dark” max_width=”100%” custom_padding=”|||” custom_padding_tablet=”|||” custom_padding_phone=”|||” global_module=”725″ saved_tabs=”all” global_colors_info=”{}”][/et_pb_fullwidth_menu][/et_pb_section][et_pb_section fb_built=”1″ _builder_version=”3.22.3″ global_colors_info=”{}”][et_pb_row column_structure=”2_3,1_3″ _builder_version=”3.25″ global_colors_info=”{}”][et_pb_column type=”2_3″ _builder_version=”3.25″ custom_padding=”|||” global_colors_info=”{}” custom_padding__hover=”|||”][et_pb_text _builder_version=”4.10.5″ global_colors_info=”{}”]

Als ik de loterij zou winnen… In het Nederlands hebben we het makkelijk; als iets kán gebeuren goochelen we met het woord zou. Op die manier maken we de voorwaardelijke wijs. De Franse conditionnel is minder makkelijk, maar wel prima te leren.

Er zijn in elk geval 4 momenten waarop je de conditionnel gebruikt:

  • Als je beleefd iets vraagt, dus een wens uitdrukt.
    Je voudrais une tasse de café, s’il vous plaît. (Ik wil graag een kop koffie, alstublieft)
  • Als je iets met twijfel iets zegt, of iets met een gereserveerdheid.
    Ils gagneraient mieux leur vie. (Ze verdienen eigenlijk beter in hun leven)
  • Wanneer je een suggestie doet of raad geeft met de werkwoorden devoir, pouvoir, falloir.
    Vous devriez faire attention. (Jullie zouden beter moeten opletten)
  • Bij een hypothese, na si + imparfait.
    Si je gagnais à la loterie, je achèterais une Lamborghini. (Als ik de loterij zou winnen, zou ik een Lamborghini kopen)

Conditionnel present vormen

De voorbeelden geven al een beetje weg hoe je de conditionnel présent maakt: Je neemt het infinitief van het werkwoord en daarachter zet je dezelfde uitgangen die de imparfait (onvoltooid verleden tijd) vormen:
je -ais
tu -ais
il/elle/on -ait
nous -ions
vous -iez
ils/elles -aient

Dus: je chanterais (ik zou zingen), il choisirait (hij zou kiezen), vous rempliriez (zij zouden invullen)
Let op bij werkwoorden die op -re eindigen: daarbij gaat de laatste e weg: nous écririons (wij zouden schrijven)

Onregelmatige werkwoorden

Bij onregelmatige werkwoorden gebruik je de futur om vervolgens daarachter dezelfde uitgangen te plakken: je serais (ik zou zijn), nous serions (wij zouden zijn), j’aurais (ik zou hebben), nous aurions (wij zouden hebben), je ferais (ik zou doen), nous ferions (wij zouden doen).

Bij sommige werkwoorden heb je een extra r nodig: je pourrais (ik zou kunnen), je verrais (ik zou zien), je courrais (ik zou rennen), je mourrais (ik zou doodgaan), j’enverrais (ik zou sturen).

Conditionnel passé

Soms heb je de conditionnel passé nodig: Als ik de loterij had gewonnen, dan zou ik een Lamborghini hebben gekocht. In dat geval gebruik je être of avoir om die verleden tijd te vormen. Être en avoir moet je dan wel vervoegen als conditionnel. Dus: Si je gagnais à la loterie, j’aurais acheté une Lamborghini.
J’aurais voulu le voir. (Ik wilde hem zien)
Je pensais qu’elle serait venue. (Ik dacht dat ze zou zijn gekomen)

[/et_pb_text][/et_pb_column][et_pb_column type=”1_3″ _builder_version=”3.25″ custom_padding=”|||” global_colors_info=”{}” custom_padding__hover=”|||”][et_pb_sidebar area=”sidebar-1″ _builder_version=”3.22.7″ global_colors_info=”{}”][/et_pb_sidebar][/et_pb_column][/et_pb_row][/et_pb_section]